Ventileren

Het moet bij mijn moeder ongetwijfeld de adem afgesneden hebben, toen de verpleegster mij kort na de geboorte mee uit haar kamer nam, in de kraamkliniek die wij in het Vlaams zo mooi ‘moederhuis’ noemen. Het huis waar naast kinderen ook moeders geboren worden als het hun eerste spruit is. Waar ouders doodsangsten uitstaan als het kantje boord is. Zoals zij die mij leven inbliezen begin december 1971 te verwerken kregen. Ik werd vier weken te vroeg geboren, in een tijd dat premature baby’s er moeilijker doorkwamen dan nu en lang voor medische en ethische grenzen verlegd werden.

Mijn moeder hoort me abnormaal ademhalen en belt de verpleegster. Uiteindelijk neemt een collega van de couveuseafdeling me mee, om warm te krijgen, zo vertelt ze. Op haar vraag wanneer ik terug zal komen, krijgt mijn moeder het antwoord “hij is daar goed nu, laat hem maar”. Wanneer ze de dag nadien mag gaan kijken en een kwartier te vroeg aanklopt, wordt haar in eerste instantie gezegd dat ze in de weg staat. Dan mag ze eindelijk vanop de gang kijken. Dus niet binnen en al zeker niet aanraken. Kleine baby. In een glazen kastje. Warm ingeduffeld. Ik heb een normale kleur. Ze wacht tot ze me ziet bewegen. Even de kin omhoog is voldoende om met een wat minder ongerust gemoed terug naar de kamer te sloffen. De dagen gaan voorbij. Borstvoeding uit een flesje. Ma en pa zijn hoopvol.

Nadien komen de vraagtekens. Want ik mag niet mee naar huis en moet mijn tijd daar uitdoen. Slaaptoestand, zo wordt gezegd. Ik adem niet goed. Veel uitleg krijgen ze helaas niet. Voor de tweede keer op twee jaar tijd moeten mijn ouders met lege handen naar huis. Mijn oudere broer Jimmy kwam namelijk veel te vroeg op de wereld en heeft het levenslicht maar heel kort gezien. Pa brengt iedere dag met een bromfiets de moedermelk tot bij mij, kan me dan telkens even zien en nadien verslag uitbrengen bij ma, die thuis voor mijn 2,5 jaar oude grote broer zorgt. Een auto hebben ze niet. Na vier weken mogen ze me eindelijk in de armen sluiten. Eénmaal thuis, wil ik de borst niet. Het kost me te veel kracht. Koppig ben ik ook al, want geen enkele van de vier verschillende melkpoeders gaat naar binnen. Een tip uit de oude doos keert het tij: botermelk of babeurre. Ik adem eindelijk door en ben vertrokken om het leven te drinken.

“Adem is de link tussen lichaam en geest. Als de geest als een vlieger is, dan is de adem het koord. Hoe langer het koord, hoe hoger de vlieger kan vliegen.” (Sri Sri Ravi Shanka)

Nooit gedacht dat ik ruim veertig jaar later opnieuw zou moeten leren ademen en drinken. Want dat deed ik op de single track van een doodlopend pad minder (goed) dan ooit tevoren. Wil je dat gevoel even ervaren? Probeer dan eens met gebalde vuisten – want je bent een ventielloos drukvat van opgekropte emoties – je adem in te houden, te voelen hoe de spanning zich in je borstkas opbouwt en zich nadien over je hele lichaam verspreidt. Spring dan in mijn toenmalige huid van een op hol geslagen hengst die wil ontsnappen uit zijn gedachten. Als door een denkbeeldige wolvenwaaier op de hielen gezeten. De eenzame vluchter met wind op kop die telkens opnieuw ingehaald wordt door wat in zijn hoofd spookt. In voortdurende alertmodus en badend in het adrenalinezweet. Tot het energievat helemaal leeg is en zijn lichaam er zowel fysiek als mentaal de brui aan geeft. Het sterke paard knielt neer bij een plas, probeert wat te drinken, ziet zichzelf nog even weerspiegeld in een groter wordende vicieuze cirkel die zijn traan aan het wateroppervlak veroorzaakt en metamorfoseert ten slotte tot een bleke vis met vale ogen die wat ronddrijft en uiteindelijk in een bijna zuurstofloze en uitdrogende poel van de laatste oase in een eindeloze woestijn naar adem hapt. En nog eens hapt. Korter. Met steeds grotere tussenpauzes.

STOP. Het is misschien moeilijk, maar laat dat beeld nu los en adem een keer of vijf heel diep in en uit. Verleg de focus naar de beweging van de balg onder je ribben. Als het niet meteen lukt, is dat niet erg. Hou vol. Ontspan die spieren. Zoek het rustpunt in jouw ademhaling. PAUZEER. Neem afstand van die razernij en zoek toenadering tot jezelf. Ervaar hoe met je ademhaling ook je lichaam en geest rustiger worden. CHECK. Voel de kracht van jouw mentale moesson. Adem is voor jou als het regenseizoen voor een woestijn die opnieuw tot leven komt. Met dit verschil dat je de seizoenen niet in de hand hebt maar je ademhaling wel. Want je bent jouw adem. Jij bepaalt in en uit. Op jouw tempo. Een gelijkaardige korte ademhalingsoefening was mijn eerste kennismaking met mindfulness. Nadat de therapeute me bij de kennismaking wakker geschud had met de boodschap “jij ademt niet” en mij zo rustig mogelijk voor de eerste keer mijn verhaal had laten doen.

Het Nederlandse woord ‘adem’ heeft dezelfde oorsprong als het Sanskriet ‘atman’, wat staat voor ‘inwonende geest’. In de Bijbel blaast God met zijn adem een mens leven in. Hij ‘bezielt’ daardoor de mens. We kunnen iemands leven redden door hem of haar te beademen. Bij elke ademhaling maak je contact met je diepste ik en zorg je voor evenwicht. Als we iemand ademruimte geven, krijgt hij de gelegenheid, de vrijheid om iets te doen. We laten die persoon zichzelf zijn. Ademruimte creëert vrijheid.

Bewust ademen werd één van mijn meest krachtige wapens in de zoektocht naar mezelf en mijn herwonnen vitaliteit. Mijn zelfbevrijding. Het brengt me tot rust. Probeer het en besef dat je dat altijd en overal kunt doen: voor een presentatie, tijdens een vergadering als een agendapunt of uitspraak iets met je doet, wanneer je rustig met aandacht voor de omgeving sport of als je het tijdens intensievere uitspattingen moeilijker krijgt, vóór je die vervelende mail te snel beantwoordt of aan een moeilijk gesprek begint, nadat je iets laten vallen hebt, om iets beter los te laten of jezelf in de hand te houden, in een discussie en zelfs in de file (lees Heldentocht). Adem is CO2trole over jezelf, ook als je de context niet kunt controleren.

“Woorden zijn de adem van de ziel.” (Pythagoras)

Gemiddeld gebruiken we trouwens amper 30% van onze ademhalingscapaciteit. Je kunt je dus afvragen hoeveel gratis energie we onontgonnen laten. Sommige mensen gebruiken nog minder van dat vermogen en lijken continu te hyperventileren. Dat is zelfverstikking in de zuiverste vorm want in extreme gevallen adem je jouw uitgeademde toxische gassen gewoon meteen terug in. Voor je het weet, verlies je je bewust-zijn. En pleeg je roofbouw op je lichaam. Belgen hebben naast zorgen ook een baksteen in de maag. Overdreven isoleren is bij het bouwen niet altijd de juiste keuze, heb ik me laten vertellen. Isolatie is uiteraard noodzakelijk, maar ventileren zou minstens even belangrijk geworden zijn, zodat je woning goed verlucht wordt. Als je weet dat 70% van de afvalstoffen je lichaam via de ademhaling verlaten, wordt de woonplaats van je ziel ook best duchtig geventileerd. Een bouwvallig huis wordt afgebroken of gerenoveerd. Of je verhuist. Je hebt echter maar één lichaam. En dat kan geen eindeloze afvalstoffenstroom aan. Dus je draagt er beter zorg voor.

Doe ook aan mentale ventilatie. Dus isoleer je gedachten, je emoties, jezelf niet te veel. Maar ventileer. Als je er niet (meteen) over kunt praten, geef er dan op één of andere creatieve manier vorm aan. Ga in dialoog met jezelf, als eerste stap om die effectief te delen met wie je dierbaar is. Neem van me aan dat het zuurstof is. Voor je lichaam. En ziel.

In de liefde adem je elkaar. Want je bent (er voor) elkaar. Ook als één van beiden zich eens verliest. Dat is graag zien. Onvoorwaardelijk. In het kuiltje van de wang van jouw geliefde is jouw traan veilig.

Dit komt uit Breathe me van Sia:

Ouch, I have lost myself again
Lost myself and I am nowhere to be found,
Yeah, I think that I might break
Lost myself again and I feel unsafe

Be my friend
Hold me, wrap me up
Unfold me
I am small and needy
Warm me up
And breathe me

Advertenties

6 gedachtes over “Ventileren

  1. Makker, prachtig hoe je jouw eerste levensuren zo plastisch beschrijft. Ook heel herkenbaar omdat bij de geboorte van onze oudste dochter de wereld ook even stopte met draaien voor mij. Ook zij bleek het niet direct door te hebben zelf te moeten ademen… Het schept een speciale band…
    PS: je mantra voor de ademhaling ga ik gebruiken bij mijn eerstvolgende wedstrijd achter de startlijn.
    C U There !

    1. Merci Max, jij hebt me geleerd om ademen bij zwemmen als meditatie te zien. Het helpt om rustig een ritme te vinden. En balans te houden Einstein zei al dat leven als fietsen is. Maar zwemmen komt ook in de buurt.

  2. Héél mooi en herkenbaar. De adem is ook mijn ankerpunt geworden, mijn band met de stilte en innerlijke kracht die we allemaal hebben maar niet allemaal ontdekken…

    1. Heel veel antwoorden liggen in de rust van onszelf terwijl we die vaak in de storm om ons heen zoeken, die we hardnekkig trotseren en proberen te temmen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s